Lijst van figuren
1.1 Controle door techniek
2.1 De drie takken van de Japanse budō
2.2 Okuyama Ryūhō
2.3 De Takeda-mon van Daitō Ryū.
2.4 Hakkō Ryū gebruikt een variant op de yotsume-mon
3.1 De ensō symboliseert onder meer mushin, loslaten en verlichting
4.1 Kamae
5.1 Meridianen van het lichaam — schematisch overzicht van de zeven keiraku gebruikt in Hakkō Ryū
5.2 Reflexzones van de hand — schematisch overzicht voor Koho Shiatsu
5.3 Zones van het lichaam () — twaalf horizontale banden, elk corresponderend met een orgaan. Op de armen: zone 1 bij de schouder, zone 12 bij de hand. Op de benen omgekeerd: zone 12 bij de heup, zone 1 bij de voet.
6.1 Voorbeeld van een tachi waza
6.2 Voorbeeld van contact naar de schouder
6.3 kote gaeshi
6.4 kote mawashi
6.5 Ura kote gaeshi
6.6 kote hineri
6.7 Handtrommel, metafoor voor gakun
9.1 Meridianen van sandan
2.1 De drie takken van de Japanse budō
2.2 Okuyama Ryūhō
2.3 De Takeda-mon van Daitō Ryū.
2.4 Hakkō Ryū gebruikt een variant op de yotsume-mon
3.1 De ensō symboliseert onder meer mushin, loslaten en verlichting
4.1 Kamae
5.1 Meridianen van het lichaam — schematisch overzicht van de zeven keiraku gebruikt in Hakkō Ryū
5.2 Reflexzones van de hand — schematisch overzicht voor Koho Shiatsu
5.3 Zones van het lichaam () — twaalf horizontale banden, elk corresponderend met een orgaan. Op de armen: zone 1 bij de schouder, zone 12 bij de hand. Op de benen omgekeerd: zone 12 bij de heup, zone 1 bij de voet.
6.1 Voorbeeld van een tachi waza
6.2 Voorbeeld van contact naar de schouder
6.3 kote gaeshi
6.4 kote mawashi
6.5 Ura kote gaeshi
6.6 kote hineri
6.7 Handtrommel, metafoor voor gakun
9.1 Meridianen van sandan